Tussen twee baden
- Claudia Maser

- 14 uur geleden
- 1 minuten om te lezen
In het ene bad zwemmen leeftijdsgenoten lange, krachtige banen. Strakke slagen. Soepele keerpunten. Ze zetten zich af tegen de rand, alsof ze ergens naartoe moeten.
Ik zie ze.
Ik hoor ze niet.
Tussen ons zit glas.
Ik sta in het andere bad. Het water is warmer. We bewegen in een halve cirkel om een instructrice met een microfoon. Er drijven felgekleurde noodles. Iemand zwaait naar mij alsof we elkaar al jaren kennen.
In het begin keek ik vaak naar het andere bad. Naar de snelheid. Naar de vanzelfsprekendheid van lichamen die precies doen wat er van ze gevraagd wordt. Ik voelde me een beetje ⦠misplaatst. Alsof ik per ongeluk in het verkeerde bad was beland.
Maar niemand hier lijkt zich daar druk om te maken.
We heffen onze armen langzaam. We draaien voorzichtig rondjes met onze schouders. We stappen zijwaarts door het water, alsof het een bedachtzaam dansje is. Het tempo ligt ergens tussen āwe hebben de tijdā en āwaarom zouden we ons haasten?ā
Soms denk ik: daar, achter het glas, had ik ook kunnen zwemmen.
En dan denk ik: ja. Misschien.
Maar hier word ik gedragen.
Hier vraagt niemand hoe snel ik ben.
Hier telt niemand mijn banen.
Hier is het genoeg dat ik er ben en beweeg.
En terwijl zij zich krachtig afzetten tegen de rand, zet ik me zachtjes af tegen verwachtingen.
Dat is misschien minder spectaculair.
Maar geloof me, het is minstens zoān workout.




Opmerkingen