• Claudia Maser

De boerderij

Bijgewerkt op: 29 jun.

Het was een heldere windstille ochtend in april. Een witte nevel lag als een donsdeken over het gras. Eva liep al zeker vijf uur over de natte straatklinkers, over een bospad en nu door een weiland. Haar schoenen en sokken waren nat en ze had dorst. Bij de boerderij in de verte loeide een koe. Misschien kon ze daar even rusten, haar sokken laten drogen en daarna verder lopen, steeds verder weg. Haar arm deed pijn. Het gezin aan tafel keek haar nieuwsgierig aan toen ze binnenkwam. De boer had de deur geopend en na haar verzoek om even te zitten om blaren te voorkomen mocht ze de keuken instappen. De schoenen buiten onder het afdak. Vijf kinderen van klein naar groot schoven een stukje op zodat ze bij hen op de lange bank kon zitten. Lichtblauwe muren. De houten tafel was gedekt met wit servies. Het was warm in de boerderij en het rook naar vers gebakken brood. Een vrouw, waarschijnlijk de boerin, zette een kop zwarte koffie voor haar neer, haalde een bord met mes en schoof het voor Eva op tafel. ‘Neem maar, je zal wel trek hebben’. Ze had een zachte stem, een rond gezicht met mooi gevormde lippen en een dikke bruine vlecht.

Eva knikte en nam een slok. De koffie was heet, sterk en goed. Van links werd de roomboter, een gedroogde ham en een stuk kaas naar haar doorgeschoven.

‘Alles komt van onze eigen dieren’, zei de boer met een licht dialect. Met een glimlach besmeerde Eva haar boterham en deed er een plakje kaas op. De gezouten boter met de romige kaas voelde als een medicijn in haar mond en lijf.

‘Waar ga je naar toe? Is je auto stuk?’, vroeg de boer. Kleine lachrimpels bij zijn blauwe ogen. Iedereen keek haar aan. Eva begreep de vraag, ze had niet bepaald een wandeloutfit aan.

‘Ik weet het niet’, zei ze zacht en en slikte een hap door. ‘Ik werd vannacht wakker en ben gewoon gegaan’. Eva trok aan een velletje bij haar nagel. Er viel een stilte. De kinderen keken naar hun ouders en de boer en boerin naar elkaar.

‘Je bent welkom op onze boerderij. Hier kun je tot rust komen en nadenken waarom je bent weggegaan. Ik ben Jannos en mijn vrouw heet Marieke. Dit zijn onze kinderen en die stellen zich later zelf voor, toch jongens?’ Er werd wat geknikt en gegiebeld. Jannos ging door, ‘Marieke zal je na het ontbijt een overall, droge sokken en klompen geven. Wij kunnen altijd wat hulp gebruiken en in ruil krijg jij de kamer op zolder. Is dat wat?’

Het was wederom muisstil aan tafel. Alle ogen waren op haar gericht. Eva knikte en mompelde een ‘dank je wel’. Na het eten liep ze achter Marieke aan de zolder op. Het was een mooie ruime kamer met twee witte handdoeken op het bed. Gebloemd en gestreken beddengoed, witte muren. Een lichtgroen gordijn, houten vloerplanken en een bed met kast. Op de wastafel lagen toiletspullen.

‘We hebben wel eens vaker gasten. Je mag alles gebruiken, de tandenborstel is nieuw. Ik zal je nog wat ondergoed geven. De vieze was kun je in de badkamer in de wasmand leggen. Zeg maar wanneer je iets nodig hebt. Ik laat je straks het huis en de stallen zien.’

Eva keek haar aan. Het was lang geleden dat ze zoveel vriendelijkheid had meegemaakt. Marieke stak haar hand uit. ‘Wil je jouw naam al zeggen?’ Eva knikte en nam haar hand in de hare. Ik heet Eva. ‘Welkom Eva. Kom maar naar beneden wanneer je er klaar voor bent’. In de kast vond ze nog meer kleding. Pyjama’s, spijkerbroeken, t-shirts en sweaters in de maten S, M en L. Bij de wastafel lag alles wat ze nodig had. Borstel, deo, crème en tandpasta met tandenborstel. Eva ging op bed liggen en dacht aan de woorden van Jannos. Nadenken waarom ze was weggegaan. Zou het de bedoeling zijn dat ze haar verhaal aan tafel zou delen of mocht ze de geheimen bij zich houden? Kon ze iemand vertellen hoe het was om al jaren iemands bezit te zijn? Hoe de eenzaamheid haar achtervolgde net als haar echtgenoot en dat ze geruisloos in de nacht was vertrokken terwijl hij dieper sliep door de cognac na de wijn. Terwijl Eva naar het plafond staarde dacht ze aan de afgelopen nacht. Ze had niet kunnen slapen. De geluiden uit Stefan’s binnenste deden haar denken aan het grommen van een waakhond. Eerst draaide ze op haar buik, daarna zo voorzichtig mogelijk haar benen uit het bed. Zacht tapijt onder haar voeten. In stilte had ze haar kleding van de vorige dag bij elkaar geraapt en was naar beneden gelopen. Eva koos de warme wollen jas. De handtas op haar rug gedraaid. Het paspoort uit de bureaulade ruilde ze met haar huissleutels. Het vertrek was impulsief, of misschien al jaren doordacht maar een concreet plan had ze niet. Iedere stap had haar gesterkt. Ze streek met haar handpalmen over het gestreken bloemetjes katoen en voelde dat ze het onmogelijke had gedaan. Beneden hoorde ze kinderen praten. Ze keek op haar horloge. Om deze tijd had Stefan iedereen al gebeld en was hij waarschijnlijk als een op hol geslagen stier door de stad gereden. Ze was 43 x gebeld. Wanneer hij zou weten dat ze bij een boerderij 25 km verderop zat, zou hij binnen een half uur met een lieve glimlach voor de deur staan. Ze rilde.

In haar groene overall en op dikke sokken liep ze naar beneden. Haar klompen stonden bij de deur. Jannos kwam haar tegemoet.

‘Loop eerst maar even rond en kijk wat er allemaal rondloopt en groeit. Marieke komt zo bij je. Je bent niet de eerste die onze boerderij vindt en je zal ook niet de laatste zijn maar het komt altijd goed met de mensen die bij ons aankloppen.’ Eva knikte en voelde een kleine hand in de hare. Grote blauwe ogen keken haar aan.

‘Ik heet Veerle, mag ik je alles laten zien?’ Ze glimlachte naar het meisje en liet zich meevoeren. Veerle babbelde honderduit terwijl ze Eva meesleurde van de schapen naar de koeien. Van de diepe gierput naar de paarden. Van de kippen naar de moestuin en als laatste de boomgaard en de zandbak. Daar zat ze nu en liet het zachte warme zand door haar vingers glijden. Samen bouwden ze een fort met een hoge muur totdat Marieke riep dat het lunchtijd was. Alle klompen bij de deur, eerst handen wassen en daarna aan tafel. Een schaal dampende aardappelen, roomboter, een enorme gekleurde salade en voor iedereen een gekookt ei. Voor het eerst sinds ze zich kon herinneren had ze trek.

‘Zal ik straks even naar je arm kijken?', zei Marieke. Ik ben basisarts en volgens mij heb je behoorlijk last. Eva had er geen moment aan gedacht maar knikte.

‘Ik denk dat je nog een paar dagen de boerderij moet verkennen voordat je iets kiest om bij te helpen. Veerle kan je het meeste vertellen.’

‘’En ik!’, riep een jongetje met hetzelfde bruine haar als zijn moeder. Kaarsrecht kwam hij voor Eva staan en stelde zich voor. ‘Ik ben Koen en na schooltijd sta ik tot uw beschikking mevrouw’. Iedereen lachte. Eva aaide hem over zijn haar, ‘dank je wel Koen. Ik maak graag gebruik van uw aanbod.’ Lachend liep hij terug naar zijn plekje en wenste iedereen smakelijk eten. ‘Ik ben Martin’, riep de oudste jongen aan tafel. ‘En ik heb net zulke korte nagels als jij!’ ‘En ik ben Anna en dit is Joep’, zei het meisje dat sprekend op haar vader leek. De schalen schoven over tafel en borden werden aangereikt totdat ze allemaal voldoende hadden gegeten. De kinderen ruimden af. Eva keek om zich heen en plukte aan haar servet.

‘Je bent veilig nu, er kan hier niets gebeuren’, zei Jannos. ‘Zelfs wanneer hij je vindt hebben wij zo onze eigen methode om de harmonie die wij hier gecreëerd hebben, te bewaken en bewaren’. Eva had nog niets verteld maar blijkbaar was het voor hen duidelijk wat er aan de hand was. Ze schraapte haar keel maar kon niets zeggen. Marieke gaf een kneepje in haar hand en begon de mouw van haar rechterarm op te stropen. De pols was dik en blauw, net als haar bovenarm. ‘Het is niet gebroken maar heeft wel rust nodig.’

Die diagnose had ze zelf ook gesteld, ze was in de loop van de tijd expert geworden.

‘Ik heb een goede zalf om de zwelling tegen te gaan’. Eva wist niet wat te zeggen, ze voelde een oneindige leegte. Marieke smeerde haar arm in en bracht een drukverband aan. De dagen en weken daarna sliep ze veel, at steeds beter en wandelde na schooltijd met een van de kinderen tussen de boomgaard en de schapen. Haar telefoon had ze weggegooid. Langzaam voelde ze de zuurstof in haar bloedvaten terugkeren. Haar hoofd kreeg ruimte om te horen en te zien. Ze streelde het paard dat een veulen gebaard had. Ze nam als lid van de familie afscheid van een zieke koe en omarmde het kalf wat achterbleef. In de avond wanneer de kinderen in bed lagen werd er een film gekeken of gepraat over het leven en wat er met Eva gebeurd was. Ze leerde de geschiedenis en vrienden van Jannos en Marieke kennen en schoof aan bij dinertjes en gekke spelletjes of dansavonden. Eva had haar vaste routine uitgebouwd en begon in de ochtend bij de schapen en hielp daarna in de moestuin. Het lukte haar zelfs weer om te lezen in bed. Een vaardigheid die ze jaren geleden verleerd had. Nietsvermoedend tafelden ze op een avond nog wat na toen er iemand hard op de deur klopte. Jannos stond op. Eva’s adem stokte. De duivel danste voor de deur. Met zijn brede schouders blokkeerde Jannos de deuropening en voorkwam dat Stefan binnen kwam. Hij stapte zelf naar buiten en trok de deur achter zich in het slot. Hun stemmen verstomden. Hoe had hij haar gevonden? Ze voelde hoe het bloed uit haar gezicht naar haar buik stroomde. Zweetpareltjes onder haar armen en een golf gal in haar slokpijp. Marieke stuurde de kinderen met een ijsje naar de speelkamer en ging naast Eva zitten. Er ging een uur voorbij. Samen aten ze een stuk worteltaart van die middag en maakte Marieke de perfecte cappuccino. De kleur in haar wangen en het vertrouwen dat ze veilig was, kwam langzaam terug. Bedachtzaam ruimde ze de tafel af en keek naar de klok. Buiten was het donker. Marieke bracht de kinderen naar bed. Wat later stonden ze samen voor het raam en zagen een kleine vrachtwagen de oprit oprijden. Eva trok haar wenkbrauwen op toen Jannos de auto van Stefan in de laadbak reed en hoe de vrachtwagen in de avond verdween. Een half uur later kwam hij de keuken in, waste zijn handen en gezicht, nam een stuk taart en ging zitten. Met zijn staalblauwe ogen keek hij Eva recht aan en zei, ‘alles is opgelost, we hoeven er nooit meer over te praten’.

Eva glimlachte en dacht aan de gier die zij in februari uit zou rijden.



24 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

Pakketpost

Alleen