• Claudia Maser

De afslag na de brug


Mijn knokkels waren wit. Niet mijn rugzak, 'blijf af!', gilde ik terwijl ik met heel mijn gewicht aan mijn legergroene rugzak hing. Een zware schoen op mijn schouder was voldoende om los te laten. Ik keek hem na. Snelle voetstappen vlogen de hoek om en lieten mij op de natte straatklinkers achter. Mijn handen trilden. Die rugzak had me aanzien bij de opvang gegeven. Met zo'n rugzak had je niet verloren. Ik voelde me rijk tussen alle plastic tassen en winkelwagentjes. Hij was van mij, goed gevuld met alles wat ik nodig had. Nu was ik een gelijke, iemand met niets. De anderen hadden gekeken, niemand had geholpen. Ik voelde hun glimlach, er was recht gesproken want alleen de mensen met niets waren welkom onder de brug. Nergens is er zoveel afgunst als onder daklozen.

Ik wreef mijn geschaafde handen tegen elkaar, stond op en slofte de stad in. Nog nooit had ik me zo naakt en eenzaam gevoeld. De blikken van de winkelende horde negeerde ik terwijl ik een half broodje opraapte. Ik passeerde een uitzendbureau en ging zonder plan of doel naar binnen. Er was geen koele afwijzing, alleen een vriendelijk gezicht die me koffie, een stoel en een luisterend oor bood. 'Wat jij nodig hebt is een kans. Ik kan je helpen, maar alleen wanneer je echt wil'. Ze bleef me strak aankijken, net als haar collega's.

Ik was 33 jaar en wist dat dit misschien de enige afslag in het leven was die ik niet mocht missen. Ik knikte.

'Mooi. Je mag een kamer in mijn huis huren en je werkt 32 uur per week voor ons. Ik geef je alvast een voorschot. Overmorgen begin je bij een bakker, morgen maken we je papieren in orde. Kom, dan gaan we'. Ik veegde mijn ogen aan mijn mouw af en volgde Marlies naar haar huis. Een kleine tussenwoning, wit, veel planten en een perzisch tapijt. Het rook naar nootmuskaat en kaneel. Ze lachte vriendelijk. Ik mocht uit haar kast wat kleding kiezen en ze knipte mijn haar en nagels. 'Het is wel vroeg op staan iedere ochtend, gaat dat lukken?'

'Dat is geen probleem, dank je wel'. Nog niet eerder had ik met geurend schuim gedoucht. Ze straalde nog meer dan ik toen ik helemaal nieuw naar beneden kwam. Op tafel stonden twee dampende koppen thee en broodjes zoals je die in de etalage zag. 'Waarom doe je dit allemaal?', stamelde ik terwijl ik ging zitten. Marlies nam mijn hand in de hare en keek me aan. 'Ook ik ben ooit mijn rugzak onder de brug kwijtgeraakt'.



32 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

Pakketpost

Alleen

Bennie